18e eeuwheden

Ontdek hoe de Gouden Zaal ooit was.

start

Vloer

In bronnen is niets te vinden over de afwerking van de vloer. Parket was waarschijnlijk te duur; er was tijdens de herbouw voortdurend geldgebrek. Meestal werden in dit soort representatieve ruimtes brede grenen vloerdelen gebruikt.

In de reconstructie is gekozen voor vloerdelen van 28 cm breed die in de lengterichting liggen. Waarschijnlijk besloegen de vloerdelen niet de volle lengte van de zaal, 13,5 meter, want zulke lange planken waren erg duur. In de reconstructie liggen daarom steeds twee vloerdelen achter elkaar, met de naad rechts van de toegangsdeur.

Ramen

In de 17de eeuw had het Mauritshuis kruiskozijnen, net als nu. Tijdens de herbouw in 1708-1718 kreeg het nieuwe schuiframen met een kleine roedeverdeling, geheel volgens de toenmalige mode. Het onderste deel van die vensters bestond uit 5 x 5 ruitjes, het bovenste uit 4 x 5. De paneelverdeling van de luiken sluit zo mooi op de ramen aan.

De schuiframen zijn te zien op oude prenten, tekeningen en schilderijen van het Mauritshuis. Het aantal ruitjes verschilt elke keer: de kunstenaars gaven blijkbaar alleen een globale indruk van de ramen.

Bankjes

Rond 1700 waren houten bankjes in vensternissen populaire onderdelen in representatieve interieurs. De beroemde architect en ontwerper Daniël Marot (1661-1752) paste ze veel toe. Ze zijn bijvoorbeeld te vinden in de Grote Zaal (c. 1717) van Kasteel Duivenvoorde (Voorschoten), die mogelijk door Marot ontworpen is.

Deur in vensternis

De middelste vensternis had oorspronkelijk openslaande deuren. Op oude prenten, tekeningen en schilderijen zijn ze nog te zien. Een balkonhek ontbrak overigens. Pas in 1984 zijn de openslaande deuren vervangen door ramen. Het huidige bankje in de vensternis dateert ook uit dat jaar.

Plafond

Bij de herbouw was het plafond niet wit maar lichtgrijs, net als de wanden. Het was versierd met bladmessing, bijvoorbeeld op de decoraties met acanthusbladeren, de lijsten rond de geschilderde doeken en op sommige profiellijstjes. Deze originele afwerking is nu bedekt door een dik pakket latere verflagen. Maar in dwarsdoorsneden van de verf is het messing goed te zien.

Messing was een goedkoper alternatief voor bladgoud. Het werd ook gebruikt voor de decoraties bovenaan de wanden, zoals de kapitelen en het grote ornament boven de toegangsdeur. De lagere decoraties en de schilderijlijsten op de wanden kregen wel bladgoud.

Kooflijst

De eiken kooflijst is tegenwoordig wit geschilderd, net als het plafond. Alleen boven de schouwen is het eikenhout geloogd. Daardoor lijkt het ene deel van de kooflijst bij het plafond te horen en het andere bij de wanden, een verwarrend effect.

Oorspronkelijk was de kooflijst lichtgrijs geschilderd en hoorde dus bij het plafond en de wanden. De gesneden consoles waren gedecoreerd met bladmessing.

Kapitelen

Het verguldsel op de kapitelen is pas in 1984 aangebracht. Bij de herbouw in 1708-1718 waren de kapitelen gedecoreerd met bladmessing. Terwijl goud altijd zijn glans behoudt, wordt messing na verloop van tijd donker en dof. De messing onderdelen zijn daarom al snel overschilderd.

Het huidige verguldsel zit op een dik pakket oude verflagen. Door het ongelijke, hobbelige oppervlak doet het daardoor wat rommelig aan.

Lichtgrijze wanden

Bij de herbouw in 1708-1718 werden de wanden lichtgrijs geschilderd. Hier en daar zitten nog restanten van dit lichtgrijs. Het houtwerk had dus een ‘steenachtige’ uitstraling.

In deze reconstructie is ervoor gekozen het grijs egaal weer te geven. Maar het is ook mogelijk dat bepaalde onderdelen meer groengrijs waren, net als de voorzijde van de nissen van de grisailles.

Vergulde ornamenten

De schilderijlijsten en het meeste snijwerk op de wanden waren verguld. Lichtgrijze wanden met vergulde details waren indertijd geliefd als decoratie van ontvangstvertrekken in paleizen of andere voorname gebouwen.

Het snijwerk

De Gouden Zaal heeft fraai gesneden, vergulde decoraties met schelpen, getooide maskers, acanthusbladeren en rolwerk. Ontwerpprenten van de Franse kunstenaar Jean Bérain (1640-1711) dienden hiervoor waarschijnlijk als inspiratiebron.

Verschillen

Het is opvallend dat dezelfde decoraties soms verschillend zijn uitgevoerd. Zo hebben sommige maskers veel uitdrukking en detaillering, terwijl andere vlak en onpersoonlijk aandoen. Het lijkt erop dat ze door verschillende ambachtslieden zijn gemaakt.

Vergulden

Verguldingen werden als volgt opgebouwd:

1. lichtgrijze verf van de wand
2. oranje verflaag van loodwit, menie, krijt en wat fijn zwart
3. olierijke verflaag van gele aarde, een zogeheten mixtion, als basis voor het bladgoud
4. flinterdunne goudblaadjes.

Een mixtion- of olievergulding is een beetje mat en werd vroeger daarom ook wel ‘mat-goud’ genoemd.

Stookgaten

In de stookgaten brandde bij ontvangsten een vuur. Op de grond zal een gietijzeren bodemplaat hebben gelegen, om de houten vloer te beschermen. Wanneer de schouwen niet in gebruik waren, sierde waarschijnlijk een decoratieve haardplaat het stookgat.

Graffiti

Achter deze grisaille (een schildering in verschillende tinten grijs) zit 18de-eeuwse graffiti. Op de muur maakte iemand met zwart krijt een tekening van een decoratie. Vergelijkbare decoraties zijn aangebracht boven de lijsten van de schouw- en bloemstukken, maar ze ontbreken bij de grisailles. De tekening maakt duidelijk dat ze daar eigenlijk wel bedoeld waren. Boven elke grisaillelijst zitten bovendien kleine spijkergaatjes in het houtwerk waar deze ornamenten waren bevestigd.

De linker- en rechterhelft van de tekening verschillen van elkaar, net zoals men dit indertijd vaak deed bij ornamentprenten.

Wandblakers

De huidige wandarmen zijn in 1984 aangebracht. Als model dienden wandarmen in het stadhuis van Enkhuizen uit circa 1685. Maar rond 1715 was een ander soort verlichting populair: blakers met een of meerdere kandelaars voor een kleine spiegel. Ze gaven meer licht door de weerkaatsing van het kaarslicht in de spiegel. De spiegelblakers zaten waarschijnlijk op de pilasters naast de grisailles; daar zitten nog steeds kleine spijkergaatjes in het hout.

De kroonluchters

De huidige kroonluchters zijn replica’s van luchters uit Paleis Het Loo en zijn opgehangen in 1984. Het is niet bekend welke luchters hier in de rond 1715 hingen. Achtarmige luchters waren toen zeer in de mode voor voorname vertrekken.

Spiegels op de schouw

De pilasters van de schouw moeten oorspronkelijk ook met spiegelglas zijn gedecoreerd. Op 18de-eeuwse ontwerpen is dit vaker te zien.

Grisailles

Pellegrini schilderde de vier doeken op de wanden alleen in grijstinten. Vandaar hun naam: grisailles. Zo lijken het stenen nissen met marmeren beelden van de vier elementen: aarde, vuur, lucht en water. De schilderingen waren oorspronkelijk anders geplaatst dan tegenwoordig.

De voorkanten van de geschilderde nissen zijn door veroudering tegenwoordig groeniger, vlekkiger en donkerder. Maar toen ze net klaar waren, pasten ze beter bij het warme grijs van de beelden en het lichtgrijs van de wanden.

Bloemstukken

De bloemstukken zagen er oorspronkelijk heel anders uit dan nu. De achtergronden waren goudkleurig, net als de bakken waar de bloemen in stonden. Pellegrini gebruikte hiervoor bladmessing. De bakken waren hierop waarschijnlijk alleen met dunne bruine verf aangegeven. Het metaal is in de loop grotendeels verdwenen door degradatie. Daarom is de achtergrond meermalen overschilderd. De verf van de bloembakken is in het verleden vermoedelijk verwijderd bij een restauratie. Ook zijn door eerdere schoonmaakbeurten de bloemen en bladeren erg sleets geworden.

Schouwstukken

De schouwstukken bleven relatief goed bewaard. Wel zijn de donkere achtergrond, de blauwe verf en de schaduwen van de huidtinten wat verdonkerd. De huidtinten zijn ook wat transparanter geworden, waardoor de bruine grondering er nu te sterk doorheen schemert.

In de digitale reconstructies zijn deze verouderingsverschijnselen gecorrigeerd. De figuren hebben daardoor een sterker driedimensionaal effect. Ook valt het zeilbootje achter Venus en Vulcanus beter op.

Plafondstukken

De plafondschilderingen verbeelden Aurora (midden) die, de Nacht verdrijft en ruimte maakt voor Apollo, de god van de zon. Deze schilderingen zijn in de loop der tijd sterk verkleurd. Vooral het blauw (met het pigment smalt) en het roze zijn verbleekt. Bovendien is de verflaag sleets geworden door eerdere schoonmaakbeurten. In de digitale reconstructie is dit gecorrigeerd. De kleuren waren oorspronkelijk heel helder, net als bij veel andere werken Pellegrini.

Hang- en sluitwerk

Het oorspronkelijke hang- en sluitwerk van de zaal is niet bewaard gebleven. Voor de digitale reconstructie van de Gouden Zaal stonden scharnieren en deurknoppen uit andere vertrekken uit deze periode model.

Reconstructie Gouden Zaal

De mooiste ruimte van het Mauritshuis is de Gouden Zaal. Deze ontvangstzaal werd na de brand van 1704 ingericht in de toen heersende Lodewijk XIV-stijl. Het werd een indrukwekkend geheel met veel krulwerk, verguldsel en schitterende wand- en plafondschilderijen van de Venetiaanse kunstenaar Giovanni Antonio Pellegrini. In de loop der tijd is er heel wat veranderd aan de Gouden Zaal. Maar hoe zag de zaal er oorspronkelijk uit? Dat kunt u nu zien in deze digitale reconstructie.

Colofon

Deze digitale reconstructie is gebaseerd op recent wetenschappelijk onderzoek:

- onderzoek naar de kleurafwerking en vervaardiging van de digitale reconstructie vonden plaats in het kader van het project From Isolation to Coherence: an Integrated Technical, Visual and Historical Study of 17th and 18th Century Dutch Painting Ensemble onder leiding van Margriet van Eikema Hommes. Vijfjarig onderzoeksproject (2012-2017) gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk onderzoek (vernieuwingsimpuls Vidi-financiering) ondergebracht bij de Technische Universiteit Delft. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en het Rijksmuseum zijn partners in het project

- onderzoek naar de oorspronkelijke kleuren van Pellegrini’s schilderijen: restauratieatelier Mauritshuis in samenwerking met Shell Technology Centre Amsterdam, in het kader van het samenwerkingsproject Partners in Science.

Productie digitale reconstructie: DeRoDe3D. Digitale impressies van het oorspronkelijke aanzien van Pellegrini’s schilderijen: L. de Moor.

Adviezen: Willemijn Fock, Johan de Haan, Ruth Jongsma, Paula van der Heiden, Henny Brouwer, Arie Pappot, Carol Pottasch, Quentin Buvelot.

Deze digitale reconstructie kwam tot stand dankzij een financiële bijdrage van Stichting de Johan Maurits Compagnie.

Impressies van het oorspronkelijke aanzien van Pellegrini’s schilderijen kwamen tot stand dankzij een financiële bijdrage van het project From Isolation to Coherence.